Nijskoat is weer helemaal in kerststemming gebracht en dat hebben we te danken aan de inzet van de bloemencommissie.

Eerst zijn de zomerbloemen zorgvuldig verwijderd, zodat alles netjes was voorbereid voor de winterperiode. Daarna hebben zij het dorp omgetoverd tot een sfeervol kerstdecor. Langs de lantaarnpalen schitteren inmiddels mooie sterren en bij de dorpsentree staan vrolijke sneeuwpoppen klaar om iedereen feestelijk te begroeten. De bloembakken zijn gevuld met mooie kerststerren, waardoor het straatbeeld een warme, winterse uitstraling heeft gekregen.
Ook is er weer een prachtige kerstboom geplaatst bij de familie Ots, een traditie die ook dit jaar voor
veel gezelligheid zorgt. De boom is gedoneerd door de familie W. de Boer Geerligs waarvoor hartelijk dank!

Tekst en foto’s Greet Brouwer
Beste bewoners,
Via Plaatselijk Belang Nieuweschoot heeft u onderstaande mail van de gemeente Heerenveen ontvangen. Voordat u deze mail leest en de link naar de voor Nieuweschoot ingrijpende Omgevingsvisie Heerenveen hierin opent, verzoek ik u het bijgevoegd begeleidend schrijven van onze voorzitter Sieb Bosma goed te lezen. Mocht u naar aanleiding hiervan vragen op opmerkingen hebben, kunt u contact met hem opnemen, zoals hij zelf ook schrijft.
Ik vertrouw er op u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
Met vriendelijke groet,
Marielle Rijkaart, namens het dagelijks bestuur van Plaatselijk Belang Nieuweschoot
Reactie Plaatselijk Belang Nieuweschoot omgevingsvisie Heerenveen (link)
– Mailbericht van de gemeente Heerenveen –
In 2025 bent u aanwezig geweest bij – of uitgenodigd voor – een bijeenkomst over de toekomst van gemeente Heerenveen. Tijdens deze bijeenkomst hebben we samen nagedacht over hoe onze gemeente er in de toekomst uit kan zien. We gebruikten daarbij verschillende inspirerende ideeën en schetsen. We hebben gesproken met de gemeenteraad, wijk- en dorpsbelangen, Friese overheden en verschillende maatschappelijke partners.
Hier vindt u het document met de uitgangspunten voor de nieuwe Omgevingsvisie: Document Heerenveen – Bijlage 2 – Uitgangspunten Vernieuwen Omgevingsvisie – iBabs Publieksportaal (link) Hierin vindt u ook korte verslagen van de bijeenkomsten die we met u en andere groepen gehad hebben.
Uitgangspunten voor de nieuwe Omgevingsvisie
De gesprekken en ideeën uit deze bijeenkomsten hebben geleid tot een document met de belangrijkste uitgangspunten voor de nieuwe Omgevingsvisie. De uitgangspunten laten zien welke richting we op willen met de nieuwe Omgevingsvisie. Op 11 november heeft het college van burgemeester en wethouders besloten om deze uitgangspunten aan de gemeenteraad voor te leggen.
Hoe verloopt de bespreking van de uitgangspunten in de gemeenteraad
Op 11 december neemt de gemeenteraad een besluit over de uitgangspunten voor de nieuwe Omgevingsvisie. Een week daarvoor (4 december) vergaderen de raadsleden oordeelsvormend in de commissievergadering ROM. Tijdens de commissievergadering heeft u de mogelijkheid om in te spreken. De tijd hiervoor is echter beperkt. Daarom heeft u de mogelijkheid om tijdens de Raadsmarkt informeel in gesprek te gaan met raadsleden over het voorgestelde besluit.
De Raadsmarkt is een informeel contactmoment met raadsleden. De raadsmarkt vindt plaats op 24 november van 19.00-20.00 uur in de Raadzaal van het gemeentehuis.
De opzet van de Raadsmarkt bestaat uit verschillende informatietafels waar raadsleden langs kunnen lopen. Er is geen centrale agenda, voorzitter of discussie; het is een inloopavond. De Raadsmarkt is geen actiemiddel. Het gaat om een open en informatief gesprek; toespraken, manifestaties of protesten zijn niet toegestaan.
Als u wilt deelnemen aan de Raadsmarkt, kunt u zich tot maandagochtend 24 november 9.00 uur aanmelden via griffie@heerenveen.nl. Na uw aanmelding ontvangt u aanvullende informatie.
Hoe gaat het verder
Het doel is dat de gemeenteraad eind 2026 of begin 2027 de nieuwe Omgevingsvisie kan vaststellen. Om van uitgangspunten naar een nieuwe Omgevingsvisie te komen, moet er in 2026 nog veel gebeuren, zoals:
- Inzoomen op gebieden: wat betekenen deze uitgangspunten voor hoe een gebied – zoals een dorp of wijk – er in de toekomst uit zal zien? Hiervoor voeren we gesprekken met inwoners en ondernemers uit die gebieden.
- Onderzoek doen naar de effecten van keuzes: het is verplicht om onderzoek te doen naar de omgevingseffecten van de keuzes die in de Omgevingsvisie gemaakt worden. Denk daarbij aan effecten op het milieu (geluid, uitstoot) maar ook sociale en economische effecten.
Voor beide onderwerpen zullen in 2026 bijeenkomsten gepland worden.
Tot slot
We hopen u hiermee voldoende op de hoogte te hebben gebracht. We kijken er naar uit om u weer te ontmoeten, bij de raadsmarkt van 24 november of op een ander moment in 2026.
Veel bewoners zetten zich in voor hun dorp. Om iets terug te doen, de leefbaarheid en saamhorigheid te behouden of te verbeteren. De meeste doen dat stilzwijgend en onzichtbaar. Mensen zoals Andries van den Akker (82 jaar); een man die niet stil kan zitten, altijd een goed humeur heeft en in is voor een praatje. En als het nodig is rijdt hij met de auto met 10 jerrycans naar de bloembakken aan beide einden van het dorp om ze water te geven.
‘Sinds 1994 woon ik met mijn vrouw Dirkje in Nieuweschoot. Wij zijn geboren en getogen in Friesland en praten ook altijd Fries met elkaar. Wij hebben elkaar leren kennen bij de korfbal in Katlijk-Mildam en zijn 58 jaar getrouwd. Wij hebben twee kinderen en vier kleinkinderen. Voordat ik met de VUT ging was ik kraanmachinist en timmerman bij Bouwbedrijf Smits en Bouwbedrijf Noppert, beide in Heerenveen.’
Wat zijn je hobby’s?
‘Knutselen. Onderhoud van fietsen vind ik ook leuk om te doen. En ik zing met veel plezier bij de Jan de Roassjongers in Nieuwehorne. Met nog zes andere Nijskoatters repeteren wij elke donderdag. Het is een mannenkoor met een vrouwelijke dirigent. Wij treden geregeld op en hebben een uitgebreid repertoire. ‘Anders dan anders’ is onze slogan. Ik ben altijd bezig, kan niet stilzitten, alleen als ik sport kijk.’
Wanneer ben je begonnen met je in te zetten voor het dorp?
‘Dat is begonnen met het opruimen van zwerfafval. Dat was ik al gewend. Dirkje en ik gingen vaak met fietsvakantie. En als we dan onderweg op een bankje gingen zitten, ruimde ik eerst de rommel op. Ik kan daar niet tegen. Als het opgeruimd is blijft het ook netjes. Bij de parkeerplaats bij de brug was het vroeger zo’n bende. Nu blijft het aardig schoon; en ligt er wat dan neem ik het mee. Of ik knap een verwaarloosd bankje op. Dat staat veel gezelliger. Ook heb ik samen met Dirk Zandstra het Boekenkastje It smûke boekehoekje gemaakt. Ik heb voor deze werkzaamheden het Groene lintje voor gekregen van de vakjury van GroenLinks. Wel een fijne waardering, maar het had voor mij niet gehoeven, want ik doe het graag.’
In welke commissies zit je van Plaatselijk Belang?
’Ik zit niet in een commissie. Als er wat moet gebeuren, dan weten ze mij wel te vinden. Dan hielp ik bijvoorbeeld met iets in elkaar timmeren voor het bosfeest, of met het ophangen van de bloembakken. Zo is het ook gegaan met de dorpskrant. Ik werd gevraagd een bewoner tijdelijk te vervangen in de redactie, maar ik ben uiteindelijk gewoon gebleven. Elke maand printen, vouwen, nieten en 135 kranten bezorgen. En af en toe schrijf ik het Nijs út Nijskoat voor de krant.
Om de kas van Plaatselijk Belang te spekken, help ik geregeld bij het parkeren bij Thialf.
Ik vind het allemaal leuk om te doen. Ik maak graag een praatje en zo krijg je contact. En ik vind het belangrijk om iets terug te doen voor ons dorp.’
Waar ben je trots op?
‘De saamhorigheid. Die is hier heel groot. En de natuur om ons heen. We hebben bos, de ruimte en water. We wonen in een prachtig stukje van Friesland.’
Wat kan er beter in Nieuweschoot?
‘Hardrijden. Maar dat is een kwestie van mentaliteit. Je kunt obstakels neerzetten, het helpt allemaal niets. En die grote voertuigen met aanhangers van soms wel drie meter breed, die mogen van mij wel een andere route nemen. Maar ja, het mag natuurlijk gewoon.
‘Ik maak mij zorgen dat er maar twee mensen uit Nieuweschoot in de redactie zitten van het Skoatter Doarsnijs. Ik kan het nu nog doen en met plezier, maar ik word wel ouder. Meer bewoners uit Nieuweschoot die meehelpen met bijvoorbeeld bezorgen en schrijven zou al fijn zijn. Straks zitten er alleen nog bewoners uit Oudeschoot in de redactie.’
Wat is je lievelingsplek?
‘Waar wij wonen. En het dorpskerkje. Zowel van buiten als van binnen. Daar moeten we zuinig op zijn. Het is jammer dat er veel gekleurde stukjes glas van de prachtige ramen zijn afgevallen. Die zouden eigenlijk hersteld moeten worden.’
Wie mag ook wel eens in het zonnetje gezet worden?
‘Aukje Brouwer. Zij heeft de werkzaamheden in de bloemencommissie overgenomen van een bewoner die er om gezondheidsredenen mee moest stoppen. Aukje was direct bereid om haar taken over te nemen en doet dat vol enthousiasme.’
We zijn er inmiddels wel aan gewend: het hoge appartementencomplex met de goudkleurige wimpels aan de Heremaweg. Cunabula of zoals Aize van der Veen (86 jaar) zegt: ‘Een blikvanger’.
Aize woont al lange tijd niet meer in Oudeschoot, maar zijn herinnering aan de plek waar nu Cunabula staat is nog levendig. Op foto’s laat hij zien waar hij een deel van zijn jeugd is opgegroeid. Aize: ‘De wat oudere lezer van Skoatter Doarpsnijs zal het zich wellicht nog herinneren. Tussen de zuivelfabriek en de spoorlijn stond een vrij grote boerderij met totaal 60 ha land. Precies op de grens van Oudeschoot en Nieuweschoot.’

Pachtboerderij
Aize was acht jaar toen zijn ouders besloten deze boerderij te pachten. ‘In 1948 gingen onder meer veel boeren hun geluk zoeken in andere werelddelen. Zo ook mijn ouders. Op dat moment hadden zij een melkveebedrijf in Kortehemmen en besloten om naar South Carolina in de VS te gaan.’
Alles was geregeld -dat was in die tijd gebruikelijk- de container voor de inboedel stond al op het erf om verscheept te worden. Aize vervolgt: ’En toen kwam jonkheer Bieruma Oosting vragen of mijn vader Hendrik van der Veen zijn boerderij Groot-Jagtlust aan de Heremaweg wilde pachten.’
Een boerderij met 60 ha goed verkaveld land, dat aanbod kon zijn vader niet afslaan. En zo groeide Aize daar op, samen met drie oudere broers en twee zussen. Aize haalt herinneringen op: ’Toen wij als gezin in 1948 daar kwamen was er veel werk aan de winkel. Wij hadden zo’n 80 melkkoeien. In de agrarische sector kwam de mechanisatie heel langzaam op gang. De overgang van de paardentractie naar de trekker verliep geleidelijk. Zo ook de overgang van handmelken naar de melkmachine. Het hele gezin en vaak nog met externe knechten werkten mee op onze boerderij. Mijn moeder bestierde het huishouden. Hard werken, maar wij hebben daar een mooie tijd gehad.’

Naam Jagtlust
Aize vertelt waar de naam Groot-Jagtlust vandaan komt. ‘In de 19e eeuw was er een buitenverblijf met de naam Jagtlust. Je zou het een soort slot kunnen noemen met veel bossen en landerijen.
Dit slot stond ongeveer waar nu (nog) de Batavusfabriek staat. Na het verval van het slot is de boerderij Groot-Jagtlust verrezen.’
De naam Jagtlust is bewaard gebleven. In Rotstergaast staat de boerderij Nieuw-Jachtlust (1875) Ook de voormalige zuivelfabriek (1920) waar nu een kringloopwinkel is, draagt de naam Jagtlust.
Maar ook het landgoed Klein-Jagtlust (1856) in Oranjewoud houdt de naam in ere.
Verkocht
In 1958 werd de boerderij, de opstallen met het land verkocht aan de gemeente Heerenveen. De gemeente Heerenveen had bouwgrond nodig voor industrie, Batavus, Tektronix (Jongbloed), Thialf en woningbouw. Toen is de Industrieweg aangelegd voor de bereikbaarheid van de bedrijven.
‘In 1963 werd het boeren te veel beperkt door het verdwijnen van een groot deel van het land en zijn we verhuisd naar een boerderij in Oranjewoud’, aldus Aize. ‘Mijn oudste zus en twee broers waren inmiddels veehouder in respectievelijk Oldeboarn, Oudehorne en Tjalleberd.’
Aize koos een ander pad hoewel zijn liefde voor het boeren nooit is verdwenen. Na zijn studie aan de Middelbare Landbouw School bekwaamde hij zich in de cultuur en civieltechniek en in de betonconstructie. Hij koos een weg in de commercie.
‘Toen mijn vrouw en ik nog in de Heide woonden was ik een hobbyboer van schapen. Ik huurde een hectare land tussen de bungalows van de gemeente. Daar moest een kinderboerderij komen, die er overigens nooit is gekomen. Toen ik het te druk kreeg heb ik de schapen verkocht.’
De opstallen werden door van Ooijen meubelen gekocht van de gemeente. Niet lang daarna is de met riet gedekte boerderij verwoest door brand. Meubelzaak Vesta bouwde er vervolgens een nieuw pand. Maar ook de bedden, stoelen en banken verdwenen weer, waarna sportschool Balans zich vestigde op de plek waar Aize goede herinneringen aan heeft.
Cunabula
Nu staat er een topsportcampus met Balans en een woontoren met gouden wimpels met de veelzeggende naam Cunabula. Cunabula betekent wieg of bakermat. Het verwijst naar de oorsprong of het begin van iets, zoals een plek waar topsport wordt geboren of waar een nieuw gebouw de bakermat van een project is.
Wie in Oudeschoot of Nieuweschoot woont, heeft de naam vast weleens gehoord: Plaatselijk Belang. Maar wat doet zo’n vereniging eigenlijk, en waarom is die zo belangrijk voor een dorp? De redactie van het Skoatter Doarpsnijs ging op de koffie bij de voorzitters van beide dorpen: Eeltje Bakker (47 jaar, Oudeschoot) en Siebren “Sieb” Bosma (71 jaar, Nieuweschoot). Twee mannen die ieder hun dorp kennen als hun broekzak en die met veel inzet werken aan één ding: een leefbaar dorp.
“Van oud papier tot voorzitterschap”
Het gesprek begint luchtig, met de vraag hoe ze voorzitter zijn geworden.
“Ik woon sinds 2010 in Oudeschoot en ben er eigenlijk ingerold,” zegt Eeltje lachend. “Ik begon ooit met oud papier ophalen, en voor ik het wist stond ik op de vrachtwagen. Daarna vroegen ze me voor Plaatselijk Belang. Mijn toenmalige vrouw werd eerst gevraagd, maar die schoof mij naar voren. En zo geschiedde. En toen in 2021 de voorzitter ermee stopte, wezen ze naar mij: volgens mij moet jij het doen. Dat doe ik nu alweer vier jaar.”
Siebren knikt. “Bij mij net zo, ik werd ook gevraagd. Ik ben geboren op de Sydtakke, heb in Oudeschootop de Kolfbaan en later de Ampèrelaan gewoond. Even in Heerenveen gewoond, maar woon nu alweer twintig jaar in Nieuweschoot. Toen ze me vroegen voor het voorzitterschap dacht ik: heb ik na ampele overwegingen besloten dit te doen. Daarvoor zat ik al in de activiteitencommissie. Ik doe dit nu vier jaar en met veel plezier.”
Wat doet Plaatselijk Belang eigenlijk?
Plaatselijk Belang heeft volgens beide voorzitters een duidelijke rol.
“Wij zijn het eerste aanspreekpunt voor bewoners,” legt Siebren uit. “Of het nu gaat om leefbaarheid, veiligheid of social/maatschappelijke vraagstukken. Maar we zijn ook het aanspreekpunt richting gemeente of instanties. Wij komen op voor de belangen van de inwoners.”
Eeltje vult aan: “Als bewoner heb je vaak geen idee waar je moet aankloppen als je iets geregeld wilt krijgen. Plaatselijk Belang heeft de ingangen wél. Wij zijn de schakel tussen het dorp en de gemeente.”
Van crematorium tot kapvergunning
Die schakelrol is geen theorie, maar praktijk. Zo was er in Nieuweschoot veel te doen over de uitbreiding van het crematorium.
“We waren net met de gemeente in gesprek over overlast op de begraafplaats,” vertelt Siebren. “Zwervers, jongeren met drugs, noem maar op. Toen kwam ineens het bericht dat het crematorium ging uitbreiden, zonder dat wij daarover geïnformeerd waren. Dat voelde niet goed. Niet omdat we tegen uitbreiding waren, maar omdat we niet betrokken waren. Dus hebben we bezwaar gemaakt. Gelukkig kwam er een oplossing, de uitbreiding is gerealiseerd en de rust is teruggekeerd.”
Ook in Oudeschoot spelen regelmatig zaken. “Staatsbosbeheer heeft hier ooit flink gekapt,” zegt Eeltje. “Dan bellen inwoners: wat gebeurt hier? Plaatselijk Belang kan dat niet tegenhouden, maar we kunnen wél uitleg vragen en zorgen dat er duidelijkheid komt. Dat scheelt een hoop frustratie.”
Snelheidsduivels
Een ander terugkerend punt: verkeersveiligheid.
“In Nieuweschoot hebben we eigenlijk maar één straat,” zegt Siebren. “Maar dat is meteen een doorgaande weg. Ondanks de drempels wordt er hard gereden. Motorrijders vinden het prachtig.”
Eeltje lacht herkenbaar. “Dat kennen we in Oudeschoot op de Marktweg ook. Je hoort bewoners klagen over hardrijders, maar eerlijk is eerlijk: vaak zijn we het zelf.”
Siebren grinnikt: “In Nieuweschoot weten we precies wie er te hard rijdt. En als ik te hard ga, krijg ik dat meteen te horen.”
Kleine schaal, grote betrokkenheid
Nieuweschoot is een echt klein dorp met zo’n 150 inwoners. “Dat betekent dat bijna iedereen elkaar kent,” zegt Siebren. “En bijna elk huishouden doet mee: we hebben commissies voor kerst, duurzaamheid, activiteiten, bloemen, biodiversiteit, AED noem maar op. Die betrokkenheid maakt ons dorp sterk.”
Oudeschoot is veel groter, met zo’n 1.500 inwoners. “Dan ken je niet iedereen meer,” zegt Eeltje. “Vooral in de nieuwe wijken zie ik veel onbekende gezichten. Maar ook tijdens de Burendagbarbecue vorig jaar stonden er 90 volwassenen en 30 kinderen. Prachtig om te zien, maar ik dacht wel: wie zijn al die mensen? Gelukkig waren ze er – dat geeft hoop dat er weer verbinding ontstaat.”
Waar ontmoet je elkaar nog?
Beide voorzitters zien hoe belangrijk ontmoetingsplekken zijn. “Vroeger waren de twee basisscholen en de ruim 20 winkels het kloppend hart van Oudeschoot,” zegt Siebren. “Ouders kwamen elkaar elke dag tegen, kinderen speelden samen, en je rolde als ouder vanzelf een commissie in. Nu die scholen er niet meer zijn, mis je die ontmoetingen.”
Gelukkig zijn er nog wel ontmoetingsplaatsen. “De Buurtsuper is goud waard,” vertelt Eeltje. “Daar doen mensen hun boodschappen, maken een praatje en bieden we een werkplek aan mensen met een beperking. In welke supermarkt kan dat nog? Het is een sociale ontmoetingsplek, vooral voor ouderen.”
Daarnaast is het MFA Skoatterhûs recent opnieuw ingericht door vrijwilligers. “Het is een prachtige plek geworden,” zegt Eeltje. “Het verdient het om hét dorpshart te worden.”
Mienskip in actie
Beide dorpen kennen hun eigen vorm van saamhorigheid. “Wij hebben in Nieuweschoot een groot aantal commissies,” zegt Siebren. “Als je niet in Plaatselijk Belang zit, dan zit je wel ergens anders in. Daardoor kennen we elkaar goed.”
In Oudeschoot is de binding soms lastiger, maar Mienskip is er wel degelijk. Eeltje: “Toen een gezin alles kwijt raakte door een brand, waren er binnen een paar dagen zoveel inzamelacties dat we genoeg spullen hadden voor vier gezinnen. Dat is iets om trots op te zijn.”
En wat vinden ze zelf het mooiste?
Siebren hoeft niet lang na te denken. “Ik ben trots op de samenhorigheid in Nieuweschoot. Mensen staan voor elkaar klaar.”
Eeltje glimlacht: “Voor mij is het mooiste dat we, ondanks dat Oudeschoot groter is geworden, nog steeds dat dorpse karakter hebben. Mensen zetten zich in, organiseren activiteiten en zorgen dat er reuring is.”
Slot
Plaatselijk Belang is dus veel meer dan een vereniging die af en toe vergadert. Het gaat over dorpsgevoel, leefbaarheid en saamhorigheid – dingen die in deze tijd niet vanzelfsprekend zijn. Zoals Eeltje het mooi samenvat:
“Je moet het samen doen. Niet afwachten, maar denken: wat kan ík bijdragen? Dat is de kern van Plaatselijk Belang.”
————————————————
Plaatselijk Belang Nieuweschoot (5 personen)
Siebren Bosma (vz), Rein Yntema (penningmeester), Mariëlle Rijkaart (secretariaat), Jolanda Swieringa (lid), Mirjam van Leeuwen – Bakker (lid)
Website: https://nieuweschoot.info
Plaatselijk Belang Oudeschoot (3 personen)
Eeltje Bakker (vz), Carel v.d. Briel (penningmeester), Vincent Wijnja (lid)
Website: https://www.pboudeschoot.nl
‘Zo’n 25 jaar geleden vroeg ik mij af of we met z’n allen wel goed bezig waren met de natuur.’ Evelien uit Nieuweschoot geeft een kijkje in haar tuin die zij zelf een georganiseerde wildernis noemt. Maar het oogt vooral als een oase van groen en kleur. Een oase bedoeld voor de bij en ter verbetering van de biodiversiteit, aldus Evelien. En als je goed kijkt zie je dat zij en haar man Klaas een ingenieus waterreguleringssysteem hebben aangelegd.
Tekst Tanja de Graaf
‘We wilden de regenpijpen afkoppelen van het riool en het regenwater opvangen voor de tuin.
We zitten hier op het hoogste punt vanaf de Tsjonger. Achter het huis staan prachtige, hoge bomen maar de wortels nemen het meeste water tot zich. Dus we moeten vaak bijsproeien.’
Evelien en Klaas bedachten een raamwerk van palen, goten en waterornamenten. Evelien: ‘Over de dwarsliggende palen lopen goten. Die zijn aangesloten op de dakgoten en regenpijpen. Het regenwater stroomt vervolgens van de goten via de ornamenten direct de tuin in.’

Klaas en Evelien moesten toch nog wel een oplossing vinden voor tijden van droogte zoals dit voorjaar. ‘Te veel aan regenwater slaan we op in afgedankte vloeistofcontainers (IBC), eigenlijk dus regentonnen.’
Bijenimker
De bij is enorm belangrijk voor de biodiversiteit. Bijen zijn de belangrijkste bestuivers voor veel planten, bloemen, fruitbomen, groenten en andere gewassen die we eten. Ze dragen stuifmeel over van de ene bloem naar de andere, waardoor de planten bevrucht worden en vruchten zich kunnen ontwikkelen. Evelien: ‘Bijen zijn fantastisch. Ik wilde mijn hele leven al bijenimker worden. Twee jaar geleden heb ik de basiscursus imker gedaan en daarna nog de cursus voor gevorderden.’
Bij een bijenteler op Ameland haalde zij de Buckfastbij; een klein bijenvolk voor één kastje. Op een afgesloten deel van de tuin staat aan aantal gele en bruine bijenkasten. Enthousiast vertelt Evelien over de werksters; de vrouwelijke bijen die nectar, stuifmeel en water verzamelen. En de darren, de mannelijke bijen die de koningin bevruchten. ‘Ieder bijenvolk heeft één koningin, zij is groter dan de andere bijen. De bruine kasten zijn de broedkamers waarin de koningin zit. Daarboven staat de (gele) honingkamer met een rooster waar alleen de bij doorheen kan en niet de koningin.’

Als het volk groeit, splitst Evelien het volk. ‘Vorig jaar heb ik een deel van de bijen met een nieuwe koningin weggehaald en een paar kilometer verderop geplaatst. Als je ze te dichtbij uitzet komen ze terug. De oude koningin en een deel van het volk houd ik zelf. Maar ik kan ook volken samenvoegen. Dan overleven de sterksten.’
Bij-vriendelijke tuin
Ondanks de grote en overvloedig bloeiende tuin van Evelien en Klaas is dat voor hun bijen niet genoeg. Ze zoeken ook nectar in de omgeving. Evelien noemt het voorbeeld van de Hedera. ‘In de herfst is er een nectar tekort. De klimop is een van de laatste planten van het seizoen die bloeien. Daarom: snoei een klimop niet te vaak en te kort, want daarmee voorkom je dat die gaat bloeien. Al laat je maar anderhalve meter klimop zijn gang gaan, dan heeft de bij wat aan de nectar van de bloemen, die daarna doorgroeien tot een bes, wat weer voer is in het voorjaar voor de vogels.’
Tips verbetering biodiversiteit
Evelien heeft nog meer tips om de biodiversiteit in de eigen tuin, maar ook de straat en het dorp te verbeteren. ‘Het mag wel een beetje slordig. Ik vraag mij wel eens af wat de buurt van mijn tuin vindt waar ik veel onkruid laat staan.’ Evelien wijst naar een paardenbloem. ‘Kijk toch wat een mooi bloempje dat is. En de bij is er gek op.’
Van Evelien mag er ook wel iets minder vaak gemaaid wordt. ‘Maak bijvoorbeeld paadjes en laat de rest doorgroeien. Maar ieder iedereen heeft andere wensen en alle beetjes helpen.’
‘We stapelen sinds kort een deel van het tuinafval langs de heg. Daar komen veel insecten op af. En we hebben een deel van de beukenhaag voor het huis langs een kant weggesnoeid en daar andere struiken geplant. Zo krijg je meer variatie en dus een betere biodiversiteit.’
Evelien bukt zich bij een klein, paars bloemetje in een potje met water. ‘Deze heb ik meegenomen tijdens een wandeling. Ik weet eigenlijk niet wat het is, maar kijk er komen al wortels.’
Tot slot nog een mooie tip van Evelien. ‘Bijna elke uitgebloeide bloem is nieuw zaad. Verzamel het, strooi het uit in eigen tuin of geef het weg.’