Veel bewoners zetten zich in voor hun dorp. Om iets terug te doen, de leefbaarheid en saamhorigheid te behouden of te verbeteren. De meeste doen dat stilzwijgend en onzichtbaar. Mensen zoals Aukje Brouwer (67 jaar). Het was niet de bedoeling dat zij in Nieuweschoot zou gaan wonen. Nu woont ze er al weer twee en een half jaar en voelt zich er helemaal thuis door zich onder andere in te zetten in de bloemencommissie. 

‘De pensioenleeftijd kwam in zicht en daarom besloten mijn man en ik om het vrachtschip te verkopen en een woning aan de wal te zoeken. Doordat mijn man ernstig ziek werd en de behandelingen direct moesten beginnen zijn we ingetrokken bij mijn dochter en schoonzoon. Een jaar later is Pieter overleden. Ik heb een fijne, eigen ruimte en help in het huishouden en bij de zorg voor de kleinkinderen. Of ik blijf? Of toch een eigen huis ga zoeken en waar? Dat weet ik nog niet. Wat Pieter en ik samen wilden was duidelijk; wat ik alleen wil moet ik nog ontdekken.

‘Ik ben geboren en getogen in Warten en spreek de Friese taal. Na de Mavo ben ik in de ziekenverzorging gaan werken. Ik wilde in de verpleging, maar werd helaas steeds uitgeloot. De ouderenzorg beviel mij niet zo en toen ben ik op een financiële administratie gaan werken van een bank. Dat beviel wel heel goed. Wij kregen twee zoons, een eeneiige tweeling en een dochter. Pieter voer op het binnenvaartschip met een matroos toen de kinderen klein waren. Ik woonde met de kinderen op de wal en deed de administratie van ons bedrijf, zorgde voor de kinderen en hielp mijn ouders in de botenverhuur. En ik heb mijn schipperspapieren en diploma’s ook gehaald. Toen de kinderen oud genoeg waren om op zichzelf te wonen zijn Pieter en ik samen gaan varen in de binnenvaart. Wij hebben samen 20 jaar gevaren over de wateren in Nederland, Duitsland en België.

Wat zijn je hobby’s?

‘Ik ben altijd bezig. Ik hou van lezen, handwerken, knutselen. Wij hadden een kruiser. Dus ook wanneer wij niet vracht aan het varen waren konden we heerlijk het water op en de boel achter ons laten, de vrijheid tegemoet en natuurlijk te skûtsjesilen. Dat er op uitgaan en de boel achter je te laten, mis ik nu wel. Dus dat is wel iets wat misschien tot mijn toekomstplannen behoort. Er op uitgaan doe ik nu dichtbij huis. Ik ga graag de natuur in en dat kun je hier vanuit Nieuweschoot heel goed doen. En ik sport, zwem en wandel. Dat zwemmen doe ik met een dorpsgenoot in het Heidemeer, ook ’s winters. 

Wanneer ben je begonnen met je in te zetten voor het dorp?

‘Nadat Pieter was overleden kwam een dorpsgenoot langs met een bloemetje. Dat is ook typisch Nieuweschoot. Zij vroeg mij later voor de bloemencommissie. Toen zij zich terug moest trekken uit de commissie heb ik een aantal taken van haar overgenomen. Maar we zijn met zo’n 10 mensen en we doen echt alles samen. We komen twee keer per jaar bij elkaar en bepalen wat we het jaar gaan doen. Het gaat om de bloembakken in het dorp en de kerstversieringen. We kopen in of gebruiken restmateriaal zoals potten en snoeiafval, maken de creaties zelf en hangen ze op, onderhouden ze. En we zorgen er voor dat er een grote kerstboom in het dorp wordt geplaatst. 

‘Dingen doen voor de gemeenschap vind ik leuk. Dat hoort er gewoon bij in een dorp. Dat kan ook verenigingswerk zijn zoals voor de sport. Of zoals wij ons altijd hebben ingezet voor het skûtsjesilen. Ik ben nu twee keer in de week leesbeppe op de school van de kleinkinderen. Om de kinderen te helpen bij het lezen. Hier word ik vrolijk van. Maar er kan altijd nog wel iets bij, want ik ben graag bezig. Bijvoorbeeld toen mijn schoonzoon vroeg of ik ook kaartjes wilde verkopen voor het optreden van de Jan d’Roas sjongers waar hij bij zingt, dan doe ik dat graag. Het kan dus ook om eenmalige acties gaan.

Waar ben je trots op?

De gemeenschapszin in dit dorp; vind ik heel bijzonder. Dat komt misschien ook wel omdat hier merendeel een oudere generatie woont die dat van vroeger uit gewend is. Het is mooi om te zien hoe mensen hier op elkaar passen. Dit heb ik ook van dichtbij mee mogen maken; dat je het gevoel hebt er niet alleen voor te staan in moeilijke tijden. Het is ook mooi om te zien dat de jongere generatie klaar staat en veel doet voor het dorp en de gemeenschap.

Wat kan er beter in Nieuweschoot?

‘Het is geen veilig dorp om te fietsen en te spelen voor kinderen. Dit komt door het verkeer. Geen stoep en te snel rijdende auto’s. Wat wel fijn is voor mijn kleinkinderen is dat ze in het land hier achter het huis kunnen spelen, om bijvoorbeeld hutten te bouwen.

Wat is je lievelingsplek?

‘Wij komen uit Warten, in de omgeving van Earnewâld en Alde Feanen. Dichtbij de natuur. Daar voel ik mij ook nog steeds erg thuis. Ik fietst er nog steeds graag. Dan neem ik het pontje bij Grou en fiets ik zo’n 60 – 70 kilometer door het landschap van vroeger. Nieuweschoot en omgeving vind ik ook heel mooi en heerlijk om te wonen. Je kunt hier alle kanten op naar mooie buitengebieden. En ik woon vlak bij mijn drie kinderen en zeven kleinkinderen. Dat is altijd de bedoeling geweest.